Terug naar het overzicht

Ruimte voor de rivieren

In het zuiden van Limburg en ook in delen van Duitsland en België was watersnood. Anders zo kleine onschuldige beekjes, zoals Gulp, Geul en Roer veranderden in kolkende watermassa’s, die gebouwen van hun grondvesten wegspoelden. Levens zijn verwoest. Vreselijk. Water is grillig. Het laat zien dat we altijd alert moeten blijven. Kunnen kaarten iets toevoegen aan dit verhaal?

Hieronder zien we een kaart uit ongeveer 1870 vervaardigd door ingenieur T.J. Stieltjes (1819-1878). De kaart zit met meer dan 750 andere exemplaren in toegang 0025. Deze heeft nummer 19231-15V4. Kort gezegd kreeg Stieltjes de opdracht van de provincie om alle Overijsselse wateren in kaart te brengen. Hij moest onderzoeken hoe de watertoestand in Overijssel verbeterd kon worden. Want dat er iets moest gebeuren stond buiten kijf. Wat was er aan de hand?

Kaart van de Regge, vervaardigd door T.J. Stieltjes

De provincie Overijssel kampte al eeuwenlang met waterproblemen. Door verzanding van de rivieren vielen deze in minder natte perioden soms droog, waardoor ze onbevaarbaar werden. Het meeste transport ging vroeger (voordat er spoor- en autowegen werden aangelegd) over water. Om het droogvallen te verhelpen bouwde men kleine dammen in de rivier, waarachter het water zich ophoopte. Bij voldoende water werd de dam geslecht en konden de scheepjes verder varen tot de volgende opstopping, waar weer een dam werd opgeworpen en het schouwspel zich herhaalde. Uiteindelijk bereikten de schippers de eindhaven, maar het schoot natuurlijk niet op zo. De landbouwers klaagden steen en been, want hun landerijen kwamen geregeld onder water te staan. Aftappen van beken om vaarroutes van een beter waterpeil te voorzien gebeurde ook. Dit werd door met name molenaars, die de kracht van hun waterloop en daarmee de slagkracht van hun molenrad zagen afnemen, niet in dank afgenomen. Bovendien kwamen door het aftappen andere waterwegen weer droog te liggen. Een ander waterprobleem in Overijssel: droogte en tekort aan watergang voor de schepen.

Het tegenovergestelde gebeurde ook. De Regge overstroomde dikwijls, waarbij soms mensen door verdrinking het leven lieten. Het is bijna niet voor te stellen als we de rivier nu zo rustig zien in het Sallandse landschap. Maar schijn bedriegt; de Geul kabbelde een paar maanden geleden ook vredig, zullen we maar denken. Doordat de problemen zich opstapelden in Overijssel, en de kosten teveel opliepen, moest er iets gebeuren.

Thomas Stieltjes onderzocht de mogelijkheden om het water versneld af te voeren, met daarbij het stabiel houden van het waterpeil voor de scheepvaart. Tenslotte bekeek hij hoe de afwatering van het omliggende land kon plaatsvinden. Samen met zijn ingenieurs bedacht hij waterwerken; dammen en stuwen die de watertoevoer en -afvoer konden regelen. Een geniaal plan voor die tijd. De waterwerken hebben we nog steeds nodig voor een goed waterbeheer.

Op de kaart zien we een stuk van de Regge ter hoogte van Eerde richting Ommen. Het noorden is boven. De Regge kronkelt in blauw door het landschap. De rode lijnen zijn de plannen tot afsnijdingen. Het resultaat is een minder meanderende rivier. Het idee was dat door de kanalisatie het water sneller en zonder al te veel overlast de Vecht in zou stromen, die op haar beurt ook rechtgetrokken moest worden. Door de details kunnen we de plek precies lokaliseren. De Nieuwe Brug, in de weg naar Ommen ligt er nog steeds (N347). Dagjesmensen wandelen ook vandaag graag bij de Steile Oever, op de kaart is de plek als een heuvelschaduw weergegeven. Als we de rode afsnijdingen vergelijken op Google Maps is er niet veel veranderd sinds 1870. Vreemd bochtige bomenrijen verraden de oude Reggeloop. Sinds de uitvoer van de plannen van Stieltjes is de Regge redelijk onder controle (als we dat al kunnen zeggen) maar het Overijsselse landschap veranderde door deze maatregelen drastisch.

Het landschap blijft in beweging. Nieuwe ontwikkelingen in klimaat en landgebruik vragen om een andere aanpak, die van meer ruimte voor de rivier. De kaarten die hierbij worden gemaakt zullen later op hun beurt weer terechtkomen in de archieven van de toekomst.

– Ester Smit, cluster Collectie

Meer lezen:
T.J. Stieltjes op wieiswieinoverijssel.nl
– G. J. Schutten, Varen waar geen water is (1981)
– Historisch Centrum Overijssel, Archieven Provinciaal Bestuur Overijssel, toegangsnummer 0025, inventarisnummer 19231-15V4. In deze toegang zit tevens de verwijzing naar het rapport De Overijsselsche Wateren (1848) van W. Staring en T. J. Stieltjes.